Vruchtbaarheidstest
Ovariële reserve panel met AMH, FSH, LH en Estradiol.
Het AMH-hormoon komt uit de granulosacellen rond de kleine follikels die in uw eierstokken klaarstaan voor een toekomstige eisprong. De bloedwaarde geeft daarmee een schatting van uw eierstokreserve: hoeveel follikels er nog in de wachtrij staan. Voor vrouwen die nadenken over een kinderwens, over het invriezen van eicellen of over een ivf-traject is AMH om één reden bijzonder praktisch: de bepaling is niet aan een cyclusdag gebonden. U kunt op elk moment in uw cyclus laten prikken en u hoeft niet nuchter te zijn. Lees de uitslag altijd naast uw leeftijd. AMH is een planningsgetal waarmee u samen met een arts keuzes eerder en beter geïnformeerd kunt maken. Het is uitdrukkelijk geen aftelklok en geen voorspelling van of u zwanger kunt worden.
Beoordeling door arts inbegrepen
Bekijk de waarde die voor jou geldt:
Kies man of vrouw — dit bereik verschilt per geslacht.
Vul je leeftijd in — dit bereik verandert met de leeftijd.
Dit bereik hangt ook af van bijvoorbeeld cyclusfase of afnamemateriaal; de gemarkeerde rijen gelden voor jouw groep.
| Geslacht | Leeftijd | Referentiewaarde (ug/l) | Verhouding op schaal |
|---|---|---|---|
| Vrouw | · 20–24 jaar | 1,52–9,95 ug/l |
1,52
9,95
|
| Vrouw | · 25–29 jaar | 1,2–9,05 ug/l |
1,2
9,05
|
| Vrouw | · 30–34 jaar | 0,71–7,59 ug/l |
0,71
7,59
|
| Vrouw | · 35–39 jaar | 0,41–6,96 ug/l |
0,41
6,96
|
| Vrouw | · 40–44 jaar | 0,06–4,44 ug/l |
0,06
4,44
|
| Vrouw | · 45–50 jaar | < 1,79 ug/l |
1,79
|
Bijsluiterwaarde: 5e-95e percentiel per leeftijdsgroep (n = 148 mannen; 150 bij 20-24 jaar; 150 bij 25-29; 138 bij 30-34; 138 bij 35-39; 142 bij 40-44; 169 bij 45-50 jaar). AMH is cyclusonafhankelijk en mag op elke cyclusdag worden geprikt. De referentiegroep gebruikte geen hormonale anticonceptie: gecombineerde anticonceptie verlaagt AMH, waardoor een waarde onder de pil laag kan uitvallen. De ondergrens van 0,010 bij 45-50 jaar is de detectiegrens van de test, niet een gemeten percentiel. Een hormoonreferentiewaarde is assay-specifiek; deze waarden gelden voor de Roche Elecsys-methode.
Bron: Roche Diagnostics Referentiepopulatie: Roche referentiecohort (Elecsys AMH Plus bijsluiter)
Referentiewaarden kunnen variëren tussen laboratoria. Wanneer u een test bestelt, beoordeelt een BIG-geregistreerde arts uw persoonlijke resultaten in context. Bespreek voor behandelbeslissingen uw resultaten met uw huisarts.
Check je eigen waardeUw eierstokken bevatten een voorraad follikels die al voor uw geboorte is aangelegd en die daarna alleen nog kleiner wordt. Uit die voorraad treedt elke maand een groepje kleine follikels aan. Het merendeel verdwijnt weer, en hooguit één brengt een eicel tot rijping. Het zijn precies die kleine, net gestarte follikels waarvan de granulosacellen AMH afgeven.
De hoeveelheid AMH in uw bloed is daarmee ruwweg evenredig met de omvang van dat groepje, en dus met de voorraad waaruit het komt. Daarom loopt de AMH-waarde zo gelijk op met de antrale follikeltelling die een gynaecoloog op de echo doet: beide schatten hetzelfde, de een in bloed en de ander in beeld.
Wat AMH telt, is een aantal. Over de kwaliteit van de eicellen in die voorraad zegt de waarde niets, terwijl juist die kwaliteit sterk met uw leeftijd samenhangt en in belangrijke mate bepaalt hoe groot de kans op een gezonde zwangerschap is. Een geruststellend getal is dus geen garantie, en een tegenvallend getal is geen oordeel.
De kleine follikels die AMH maken, groeien in deze fase nog zonder aansturing vanuit de hypofyse. Daardoor beweegt AMH nauwelijks mee met de cyclus, terwijl FSH en oestradiol per cyclusdag sterk verschillen en juist rond dag 3 moeten worden geprikt. Die eigenschap, en niet de uitslag zelf, is het handigste dat u over deze bepaling kunt weten.
De uitslag staat meestal in µg/l, een eenheid die getalsmatig gelijk is aan de ng/ml uit de internationale literatuur. Werkt uw laboratorium met pmol/l, vermenigvuldig dan met ongeveer 7,1.
Let tot slot op het referentiebereik dat op uw uitslag is afgedrukt, meestal 1,00 tot 13,00 µg/l. Dat bereik is niet gecorrigeerd voor leeftijd. "Binnen de referentiewaarden" betekent daardoor iets totaal anders voor een vrouw van 24 dan voor een vrouw van 41. Bij de eerste kan dezelfde uitslag laag zijn voor haar leeftijd; bij de tweede is hij ruim gemiddeld. Zonder leeftijd erbij is een AMH-waarde eenvoudigweg niet te lezen.
AMH is het getal waarop veel beslissingen rond een kinderwens worden gebouwd, en juist daarom loont het om precies te zijn over waar het sterk in is en waar het niets over zegt.
Waar AMH sterk in is: voorspellen hoe uw eierstokken reageren op hormonale stimulatie. Omdat de waarde samenhangt met het aantal follikels dat kan worden aangesproken, gebruikt een arts uw AMH-waarde bij ivf om drie dingen in te schatten. Hoeveel eicellen een stimulatiecyclus waarschijnlijk oplevert. Welke startdosering gonadotrofinen daarbij past. En hoe groot het risico is op een overreactie met het ovarieel hyperstimulatiesyndroom. Een lage waarde maakt een bescheiden oogst waarschijnlijker; een hoge waarde vraagt juist om voorzichtiger doseren. Dezelfde logica geldt bij het invriezen van eicellen: AMH helpt inschatten hoeveel vriescycli er nodig zijn om op een realistisch aantal ingevroren eicellen uit te komen. Dat maakt de keuze concreet in plaats van gevoelsmatig, en dat is de reden dat deze bepaling in de fertiliteitszorg zo'n vaste plaats heeft gekregen.
Waar AMH niet sterk in is: voorspellen of en wanneer u op natuurlijke wijze zwanger wordt. In een onderzoek onder vrouwen zonder bekend vruchtbaarheidsprobleem die net waren begonnen met proberen (Steiner e.a., JAMA 2017) hadden vrouwen met een lage AMH-waarde geen wezenlijk kleinere kans om binnen zes tot twaalf cycli zwanger te worden dan vrouwen met een normale waarde. Een lage waarde bij een regelmatige cyclus betekent dus niet dat een natuurlijke zwangerschap van tafel is. Behandel AMH daarom als een planningsgetal en niet als een aftelklok. Het helpt u kiezen wanneer u iets doet, niet of het gaat lukken.
Aan de andere kant van het spectrum staat het polycysteus-ovariumsyndroom. Daarbij is AMH juist vaak verhoogd, omdat er veel kleine follikels tegelijk actief blijven. De internationale PCOS-richtlijn uit 2023 staat toe om een verhoogd serum-AMH bij volwassen vrouwen te gebruiken als alternatief voor de echo om polycysteuze eierstokken (PCOM) aan te tonen. PCOM is één van de drie Rotterdam-criteria, naast tekenen van hyperandrogenisme en een verstoorde eisprong, en er moet aan twee van de drie zijn voldaan. Een verhoogd AMH kan dus voor één criterium in de plaats komen, maar stelt de diagnose niet. Die blijft bij de arts, die ook naar uw cyclus kijkt en naar androgenen zoals totaal testosteron en het bindende eiwit SHBG. Twee harde grenzen horen daarbij: binnen acht jaar na de eerste menstruatie wordt AMH hiervoor niet aanbevolen, en er bestaat geen internationaal vastgelegde afkapwaarde. De grens die een laboratorium hanteert (bijvoorbeeld rond 3,2 µg/l op sommige platformen) is testafhankelijk.
En dat brengt ons bij de meetmethode. AMH-bepalingen zijn niet gestandaardiseerd. Hetzelfde buisje bloed kan bij twee laboratoria twee verschillende getallen opleveren. Vergelijk uw uitslag daarom nooit met die van een vriendin bij een andere aanbieder, en volg uw eigen waarde over de jaren alleen binnen hetzelfde laboratorium.
Voor AMH hoeft u niets te plannen. De bepaling kan op elke cyclusdag, ook tijdens de menstruatie, en nuchter zijn is niet nodig. Dat is het praktische verschil met de cyclusgebonden hormonen, waarvoor u een afspraak rond cyclusdag 3 moet inpassen.
Een bepaling is vooral zinvol op momenten waarop u iets wilt beslissen: als u overweegt eicellen in te laten vriezen, als u een kinderwens uitstelt en wilt weten hoe uw reserve ervoor staat, voorafgaand aan een ivf- of iui-traject, bij een cyclus die al maanden onregelmatig is of wegblijft, en voor en na een eierstokoperatie. Bij het verwijderen van een endometriosecyste gaat vaak gezond eierstokweefsel mee verloren, waardoor AMH daarna kan dalen. Een meting vooraf geeft u dan een vertrekpunt. Ook na chemotherapie wordt AMH gebruikt om te volgen of de eierstokfunctie zich herstelt.
Is uw cyclus onregelmatig of blijft de menstruatie weg, dan staat AMH nooit alleen. Uw arts kijkt in dezelfde afname vrijwel altijd ook naar prolactine en TSH, omdat een verhoogd prolactine of een schildklier die te snel of te traag werkt de cyclus op precies dezelfde manier kan verstoren.
Gebruikt u gecombineerde hormonale anticonceptie (de pil, de ring of het staafje), vermeld dat dan bij uw uitslag. Die onderdrukt AMH met gemiddeld ongeveer een kwart, en het sterkst bij vrouwen die toch al aan de lage kant zitten. Uw uitslag onderschat dan uw werkelijke reserve. Het effect is omkeerbaar en verdwijnt doorgaans binnen enkele maanden na stoppen. Stop echter nooit op eigen initiatief met uw anticonceptie om een bloedwaarde te laten meten; bespreek dat met uw arts.
Hieronder staat de AMH-waarde per leeftijd in een tabel: de mediaan en de middelste helft van de vrouwen uit een groot leeftijdsgestratificeerd cohort. Deze getallen dienen uitsluitend ter oriëntatie, geen afkapwaarde.
| Leeftijd | Mediaan AMH (µg/l) | Middelste helft van de vrouwen |
|---|---|---|
| 20 jaar | 4,2 | 2,5 – 6,7 |
| 25 jaar | 3,3 | 1,9 – 5,7 |
| 30 jaar | 2,5 | 1,2 – 4,3 |
| 35 jaar | 1,4 | 0,5 – 2,9 |
| 40 jaar | 0,5 | 0,2 – 1,3 |
| 45 jaar | 0,1 | 0,05 – 0,3 |
Deze tabel laat zien waarom het afgedrukte referentiebereik misleidt. Rond het 36e levensjaar zakt de mediaan al onder de veelgebruikte grens van 1,2 µg/l voor een verminderde ovariële reserve: de helft van alle vrouwen van die leeftijd zit daaronder, zonder dat er iets mis is. Een AMH-waarde van 0,5 µg/l op 40-jarige leeftijd valt buiten het gedrukte bereik en is voor die leeftijd doodgewoon. Let bovendien op de derde kolom: de spreiding binnen elke leeftijdsgroep is fors, dus twee gezonde vrouwen van dezelfde leeftijd kunnen ver uit elkaar liggen. De getallen zijn met één specifieke test gemeten en uw laboratorium kan andere absolute waarden hanteren. Laat uw uitslag daarom altijd door een arts naast uw leeftijd, uw cyclus en uw plannen leggen.
Laag AMH duidt op verminderde ovariële reserve. Bij kinderwens, overweeg snel consultatie met vruchtbaarheidsspecialist.
Hoog AMH kan wijzen op PCOS of uitstekende ovariële reserve. Bij PCOS-symptomen, overweeg evaluatie en leefstijlaanpassingen.
Laten we eerlijk zijn over wat er te sturen valt, want rond het verhogen van de AMH-waarde is een hele markt ontstaan. Uw eicelvoorraad is al voor uw geboorte aangelegd en neemt daarna alleen af. Er bestaat geen dieet, geen supplement en geen behandeling waarvan overtuigend is aangetoond dat die voorraad groter wordt. Middelen die in deze context worden aangeprezen, zoals DHEA en co-enzym Q10, hebben dat effect in degelijk onderzoek niet laten zien, en wij bevelen ze dan ook niet aan. Bedenk bovendien dat een hoger getal op papier niets zou veranderen aan de voorraad zelf.
Wat wél samenhangt met een lagere ovariële reserve en met een vroegere overgang, is roken. Stoppen is de enige leefstijlmaatregel met een duidelijk verband, en daarmee de meest concrete stap die u kunt zetten.
Zorg verder dat de meting u een eerlijk beeld geeft. Gebruikt u de pil, de ring of het staafje, ga er dan van uit dat uw uitslag lager uitvalt dan uw werkelijke reserve, en bespreek met uw arts of een herhaling zinvol is. Stop nooit eigenhandig met uw anticonceptie alleen om een bloedwaarde te laten meten: die anticonceptie heeft een reden, en die weegt zwaarder dan een preciezer getal.
Volgt u AMH over meerdere jaren, blijf dan bij hetzelfde laboratorium. Tussen laboratoria zijn de absolute getallen niet uitwisselbaar, waardoor een wisseling van aanbieder een verschil kan opleveren dat op een echte daling lijkt maar dat niet is.
En het belangrijkste: gebruik de uitslag waarvoor hij bedoeld is. AMH helpt u om keuzes over een kinderwens en over het invriezen van eicellen eerder en beter geïnformeerd te maken, naast uw FSH, uw cyclus, uw leeftijd en het gesprek met uw arts. Een datum voor uw overgang staat er niet in, en die kan geen enkele bloedtest u geven.
Deze marker is opgenomen in de volgende testpanelen.
Ovariële reserve panel met AMH, FSH, LH en Estradiol.
Screening met belangrijke markers geassocieerd met PCOS.
Compleet IVF-intakepanel voor vrouwen: ovariële reserve, schildklier, infectiescreening, immuniteitsserologie, bloedgroep en bloedbeeld.
Alles uit het IVF-panel plus volledige schildklier, kinderwensvoeding, progesteron en CMV-immuniteit.
Meet je AMH en krijg inzicht in je ovariële reserve (eicelvoorraad). Zonder verwijzing, uitslag binnen enkele werkdagen.
AMH (Anti-Mülleriaans Hormoon)
€54,-
We gebruiken cookies om het sitegebruik te analyseren en de effectiviteit van advertenties te meten.
Privacybeleid