Ga naar hoofdinhoud
Your session has expired. Reloading...

LDL/HDL-ratio bij vrouwen: van de pil tot na de overgang

De LDL/HDL-ratio is uw LDL-cholesterol gedeeld door uw HDL-cholesterol, en onder de 3,0 geldt als acceptabel. Voor vrouwen is die grens alleen veel zachter dan hij oogt. Oestrogeen houdt het HDL van nature hoger, de noemer is dus groter, en daardoor blijft de uitkomst laag terwijl uw LDL al hoog kan zijn.

Rond de overgang draait dat om: het LDL stijgt en het HDL zakt, dus teller en noemer bewegen tegelijk tegen u in en de verhouding schiet harder omhoog dan één van beide waarden apart. Lees dit getal daarom nooit los van uw LDL, en vergelijk het niet met dat van een man.

Beoordeling door arts inbegrepen

Referentiewaarden

Geen algemeen erkende referentiewaarde

Voor de LDL/HDL-ratio bestaat geen algemeen erkende Nederlandse referentiewaarde. De NVKC publiceert wel een cholesterolratio - dat is totaal cholesterol gedeeld door HDL (kleiner dan 5, het liefst kleiner dan 3,5) - maar geen LDL/HDL-verhouding. De NHG-Standaard CVRM (2024) gebruikt geen cholesterolratio meer voor risicobepaling, maar kijkt naar het LDL- en non-HDL-cholesterol zelf. Voor de LDL/HDL-ratio afzonderlijk is er dus geen Nederlandse norm die wij kunnen tonen; wij noemen liever geen getal dan een getal zonder bron. Bespreek uw cholesterol met uw huisarts; kijk daarbij naar uw LDL, uw non-HDL en zo nodig de cholesterolratio (totaal/HDL).

Eenheid: ratio

Referentiewaarden kunnen variëren tussen laboratoria. Wanneer u een test bestelt, beoordeelt een BIG-geregistreerde arts uw persoonlijke resultaten in context. Bespreek voor behandelbeslissingen uw resultaten met uw huisarts.

LDL/HDL-ratio: wat deze test meet

De teller van dit getal is uw LDL-cholesterol, de noemer uw HDL-cholesterol. Er gaat geen apart buisje bloed in: het laboratorium deelt twee waarden die al op uw uitslag stonden en drukt de uitkomst af als één dimensieloos getal. Wat de verhouding LDL/HDL bij vrouwen bijzonder maakt, zit niet in de teller maar in de noemer.

Oestrogeen stimuleert de aanmaak van HDL-deeltjes. Vrouwen in de vruchtbare jaren hebben daardoor gemiddeld een duidelijk hoger HDL dan mannen van dezelfde leeftijd, en een grotere noemer maakt elke breuk kleiner. Bij een identiek LDL komt uw uitkomst dus lager uit dan die van uw partner, zonder dat daarmee iets over uw vaatwand is gezegd. Rekent u het na: een LDL van 3,6 mmol/l naast een HDL van 1,8 mmol/l geeft netjes 2,0, terwijl datzelfde LDL naast een HDL van 1,1 mmol/l op 3,3 uitkomt. Eén teller, twee volstrekt verschillende conclusies.

Die teller is intussen het kwetsbaarste deel van de som. Uw LDL wordt in de meeste laboratoria niet gemeten maar geschat: het totaal cholesterol, verminderd met het HDL en met een vast aandeel van de triglyceriden. Die schatting veronderstelt dat de triglyceriden bescheiden blijven. Neemt u een oestrogeenpreparaat via de mond, dan lopen ze juist op, en het geschatte LDL zakt daardoor onterecht weg. De cholesterol/HDL-ratio kent dat mankement niet, omdat beide waarden daar rechtstreeks worden bepaald.

Haal die twee overigens niet door elkaar. De cholesterol/HDL-ratio zet het totale cholesterol boven de streep en beweegt rond een bovengrens van 5. Deze ratio zet er alleen het LDL boven en hanteert 3. Wie de ene grens op de andere uitslag legt, leest zijn eigen bloed structureel verkeerd.

LDL/HDL-ratio: waarom deze waarde ertoe doet

Eén afkapwaarde voor beide seksen klinkt eerlijk, maar pakt ongelijk uit. Omdat het HDL van vrouwen gemiddeld hoger ligt, is de grens van 3,0 voor u in de praktijk een veel soepelere toets dan voor een man. U kunt comfortabel onder de 3,0 zitten met een LDL waar uw huisarts wél iets over zou zeggen. Dat is de kern van het bezwaar tegen dit getal in de vrouwelijke geneeskunde: het stelt gerust op precies het moment dat er iets te bespreken valt.

Daar komt de rekenkundige blindheid van elke breuk bij. Neem twee vrouwen die allebei op 3,0 uitkomen. De eerste heeft 3,0 mmol/l LDL naast 1,0 mmol/l HDL. De tweede heeft 4,5 mmol/l LDL naast 1,5 mmol/l HDL. Hun getal is identiek, maar de tweede draagt de helft meer schadelijk cholesterol met zich mee. Het is die absolute hoeveelheid die zich decennialang in de vaatwand nestelt, niet de deling.

Dan de overgang. In de jaren rond de menopauze verliest u de oestrogene bescherming aan twee kanten tegelijk: het LDL stijgt terwijl het HDL vaak licht wegzakt. Bij vrijwel elke andere oorzaak beweegt maar één helft van de breuk; hier bewegen ze samen. Het gevolg is dat de ratio sneller oploopt dan het LDL of het HDL apart, en dat een vrouw die jarenlang aan gunstige uitslagen gewend was binnen enkele jaren aan de verkeerde kant van de streep kan uitkomen. Dat is geen persoonlijk falen en het is zeker geen diagnose; het is een hormonale verschuiving die zichtbaar wordt in uw lipiden.

En dan nog dit: geen enkele richtlijn stelt een streefwaarde voor deze verhouding. De Europese ESC/EAS-richtlijn en de Nederlandse CVRM-standaard sturen op het LDL zelf, met non-HDL-cholesterol en ApoB als secundaire doelen. Staat een van die twee op uw uitslag, laat die dan zwaarder wegen dan welke breuk ook. Non-HDL telt ook de VLDL- en restdeeltjes mee die in deze ratio volledig ontbreken, en ApoB telt het aantal schadelijke deeltjes in plaats van hun lading. Beide vertellen u iets wat deze deling niet kan vertellen.

LDL/HDL-ratio: wanneer is meten zinvol?

Deze ratio bestelt u niet los; hij komt automatisch mee zodra een lipidenpanel het LDL en het HDL heeft bepaald. De vraag is dus wanneer zo een panel iets zinnigs oplevert, en dat hangt bij vrouwen sterker samen met de levensfase dan met de leeftijd.

Uw cyclus is daarbij geen groot bezwaar: cholesterolwaarden schommelen er licht mee, maar niet genoeg om een uitslag om te gooien. Hormoongebruik telt veel zwaarder. Beginnen of stoppen met de pil, overstappen op een ander preparaat of starten met hormoontherapie rond de overgang verandert uw profiel binnen een paar maanden. Prik daarom niet in de eerste weken erna, en noteer bij elke uitslag welk middel u toen gebruikte.

Nuchter prikken weegt hier zwaarder dan bij de losse cholesterolwaarden, omdat uw LDL uit de triglyceriden wordt herleid. Boven ongeveer 4,5 mmol/l is die herleiding niet meer geldig en zegt de uitkomst niets. Zwangerschap tilt het hele lipidenprofiel bovendien fors op; een panel hoort pas een aantal maanden na de bevalling weer thuis. Wacht ook enkele weken na een infectie of een operatie, en houd bij het vergelijken van twee uitslagen rekening met de natuurlijke ruis van vijf tot tien procent op het LDL.

Een nieuw ongunstig profiel verdient eerst een verklaring voordat uw eetpatroon de schuld krijgt. Een traag werkende schildklier verhoogt het LDL en komt bij vrouwen aanzienlijk vaker voor dan bij mannen, dus een TSH hoort bij de eerste ronde. Ook slecht ingestelde diabetes, nier- en leverziekte, fors alcoholgebruik en een reeks geneesmiddelen kunnen het beeld verklaren.

De tabel hieronder geeft de richting per levensfase, geen afkapwaarde per groep.

Levensfase of situatieWat het LDL doetWat het HDL doetGevolg voor de ratio
Vruchtbare jaren, geen hormoonpreparaatGemiddeld lager dan bij mannen van dezelfde leeftijdDoor oestrogeen gemiddeld hogerStructureel lager; de grens van 3,0 wordt zelden gehaald, ook bij een LDL dat aandacht verdient
Combinatiepil met oraal oestrogeenWisselend, afhankelijk van het progestageenStijgt meestal; sommige progestagenen drukken het juistVaak iets lager, maar de triglyceriden stijgen mee en dat maakt het berekende LDL minder betrouwbaar
Hormoontherapie via tablettenDaalt, doordat het oestrogeen eerst de lever passeertStijgtDuidelijk lager; beide helften bewegen mee, terwijl de hogere triglyceriden de teller vertekenen
Hormoontherapie via pleister of gelNauwelijks veranderingNauwelijks veranderingVrijwel gelijk; de huidroute omzeilt de lever en laat het lipidenprofiel grotendeels met rust
PerimenopauzeBegint te stijgenKan licht dalen, terwijl de triglyceriden oplopenLoopt sneller op dan het LDL alleen, omdat teller en noemer tegelijk de verkeerde kant op gaan
Na de menopauzeStructureel hoger dan voor de overgangGemiddeld iets lagerSchuift richting het mannelijke niveau; pas nu wordt de unisex grens van 3,0 een echte toets

Laat uw uitslag altijd door een arts beoordelen, samen met uw losse waarden en uw volledige risicoprofiel.

LDL/HDL-ratio: klachten bij een te hoge of te lage waarde

Lage waarden

Een lage LDL/HDL-ratio voelt u niet. Cholesterol geeft geen signaal, in welke verhouding het ook rondgaat, dus er bestaan geen klachten die bij een lage waarde horen. Op zichzelf is een lage uitkomst ook prima.

Het risico zit in de geruststelling. Bij vrouwen is een lage ratio juist de normale toestand: uw HDL ligt van nature hoger, dus de breuk valt vanzelf klein uit. Een uitkomst van 2,2 zegt daarom veel minder dan hetzelfde getal bij een man. Daar komen de vertekeningen nog bij. Oraal oestrogeen, uit de pil of uit hormoontabletten, verhoogt het HDL en de triglyceriden tegelijk: het eerste verkleint de breuk en het tweede drukt het berekende LDL kunstmatig omlaag. Alcohol verhoogt het HDL eveneens en verbetert er niets mee. En na een infectie of een operatie zakt het cholesterol tijdelijk vanzelf.

Een mooie ratio is dus geen bewijs van een gunstig profiel. Leg altijd uw LDL ernaast en laat het geheel door een arts beoordelen.

Hoge waarden

Een verhoogde LDL/HDL-ratio geeft evenmin klachten. Aderverkalking verloopt jarenlang geruisloos, en er is geen vermoeidheid, geen opvlieger en geen ander signaal waaraan u een ongunstige cholesterolverhouding zou kunnen herkennen. Wat u wel merkt hoort bij de oorzaak eronder, niet bij het getal.

Bij vrouwen springen een paar oorzaken eruit. De hormonale overgang verhoogt het LDL en verlaagt het HDL, waardoor de uitkomst in enkele jaren kan verschuiven zonder dat er aan uw gewoonten iets veranderd is. Een traag werkende schildklier verhoogt het LDL en komt bij vrouwen veel vaker voor dan bij mannen. Een verminderde insulinegevoeligheid, zoals die bij het polycysteus-ovariumsyndroom vaak voorkomt, gaat samen met hoge triglyceriden en een lager HDL. Roken verlaagt het HDL rechtstreeks. En zwangerschap tilt het hele lipidenprofiel tijdelijk op.

Een hoge ratio is geen diagnose en geen aantoning van hart- en vaatziekte. Het is een reden om de losse waarden erbij te pakken, een onderliggende oorzaak te laten uitsluiten en het geheel met een arts te bespreken.

LDL/HDL-ratio: leefstijl en deze waarde

Begin met wat u níét moet doen: dit getal als doel nemen. Een breuk laat zich op twee manieren verbeteren, en de gemakkelijkste daarvan, het HDL omhoog krijgen, verandert niets aan de hoeveelheid cholesterol die zich in uw vaatwand kan ophopen. In grote trials met geneesmiddelen die specifiek het HDL verhogen ging het HDL inderdaad omhoog, terwijl het aantal hart- en vaatziekten gelijk bleef. Stuur dus op uw LDL, en op non-HDL-cholesterol of ApoB als die op uw uitslag staan.

Wat het LDL werkelijk verlaagt is saai en al lang bekend: vervang verzadigd vet en transvet door onverzadigde bronnen, eet meer vezels uit peulvruchten, haver, groente en fruit, houd een gezond gewicht aan en beweeg regelmatig. Stoppen met roken verhoogt daarnaast het HDL, en dat is een van de weinige stappen waarbij dit getal en uw gezondheid dezelfde kant op bewegen. Krachttraining en voldoende eiwit horen rond de overgang sowieso op de lijst, al is dat eerder voor uw botten en spiermassa dan voor uw lipiden.

Alcohol hoort er nadrukkelijk niet bij. Het verhoogt het HDL en flatteert daarmee de uitkomst, terwijl het tegelijk de triglyceriden opdrijft en dus het berekende LDL onbetrouwbaarder maakt.

Verschuift uw profiel rond de overgang, reken dat uzelf dan niet aan; dat is een hormonale verandering en geen gebrek aan discipline. Begin, stop of wijzig nooit op eigen initiatief hormoontherapie of een cholesterolverlager op grond van een zelf aangevraagde uitslag, en wissel evenmin op eigen houtje van tablet naar pleister. Dat gesprek hoort bij uw arts, die uw volledige risicoprofiel meeweegt.

LDL/HDL-ratio: veelgestelde vragen

Waarom is mijn LDL/HDL-ratio lager dan die van mijn man?

Omdat oestrogeen uw HDL gemiddeld hoger houdt, en het HDL staat onder de streep. Een grotere noemer maakt de uitkomst vanzelf kleiner, ook als uw LDL precies gelijk is aan het zijne. Het verschil zegt dus iets over uw hormonen en niets over wie van u tweeën het meeste schadelijke cholesterol rondloopt. Vergelijk liever uw eigen LDL met uw vorige LDL.

Wat gebeurt er met deze ratio rond de overgang?

Beide helften bewegen tegelijk tegen u in: het LDL stijgt naarmate de oestrogeenproductie terugloopt, en het HDL zakt vaak licht mee. Omdat de teller groter wordt terwijl de noemer krimpt, loopt de uitkomst harder op dan elk van de twee waarden apart. Een vrouw die jarenlang gunstige uitslagen gewend was, kan daardoor binnen een paar jaar boven de 3,0 uitkomen.

Verandert de pil mijn LDL/HDL-ratio?

Meestal wel, en niet in één richting. Het oestrogeen in een combinatiepil verhoogt het HDL, wat de uitkomst verlaagt, maar verhoogt ook de triglyceriden, waardoor het berekende LDL onbetrouwbaar wordt. Sommige progestagenen drukken het HDL juist. Het netto-effect verschilt dus per preparaat. Noteer bij elke uitslag welke pil u gebruikte, anders vergelijkt u twee metingen die niet vergelijkbaar zijn.

Maakt het uit of ik mijn hormoontherapie slik of via de huid opneem?

Voor dit getal wel. Oestrogeen dat u slikt passeert eerst de lever en verandert het lipidenprofiel duidelijk: het LDL daalt, het HDL stijgt en de triglyceriden lopen op. Een pleister of gel omzeilt die leverpassage en laat het profiel grotendeels ongemoeid. Uw ratio kan dus veranderen door de toedieningsvorm alleen. De keuze tussen beide is een gesprek met uw arts, niet iets om op een bloedwaarde te baseren.

Moet ik op een vast moment in mijn cyclus prikken?

Voor deze ratio is dat geen harde eis. Cholesterolwaarden schommelen licht mee met de cyclus, maar dat effect blijft kleiner dan de gewone variatie van de meting zelf. Nuchter zijn is belangrijker, omdat uw LDL uit de triglyceriden wordt afgeleid. Volgt u uw waarden over jaren, prik dan telkens onder dezelfde omstandigheden en bij hetzelfde laboratorium; dat levert meer op dan cyclusdagen tellen.

Mijn ratio is onder de 3,0. Waarom wil mijn arts toch over mijn cholesterol praten?

Omdat de arts naar uw LDL kijkt en niet naar de breuk. De grens van 3,0 geldt voor beide seksen, terwijl uw hogere HDL de uitkomst structureel omlaag trekt; u kunt er dus ruim onder zitten met een LDL dat bij uw leeftijd en risicoprofiel te hoog uitvalt. De richtlijn stelt geen doel voor deze ratio, wel voor het LDL.

Zie Lunarahealth vaker in Google

Voeg ons toe als voorkeursbron. Google laat onze artikelen dan vaker zien in je zoekresultaten en in AI-overzichten. Je kunt dit op elk moment weer uitzetten.

Dat lukte niet. Probeer het opnieuw.

Onderzoeken met verwante waarden

Deze panelen meten waarden uit dezelfde categorie als deze marker.

Medisch adviseur

Medische standaarden

Dr. Naimi ziet toe op de medische standaarden achter onze content en beoordelingen.

Medisch beleid
CIBG Ministerie van Volksgezondheid,
Welzijn en Sport
Officiële BIG-registratie BIG 49928676701 Opent in een nieuw tabblad