Ga naar hoofdinhoud
Your session has expired. Reloading...
Terug naar Blog
Menopauze & overgang

Urineverlies in de overgang: waarom het type verandert

L
Lunarahealth
6 min lezen
Vrouw staat bij het raam in een lichte woonkamer.
Foto: Hendo Wang via Unsplash

Urineverlies in de overgang wordt vaak toegeschreven aan de menopauze zelf, en dat klopt maar half. Een overzichtsartikel dat de literatuur hierover naast elkaar legde, concludeerde dat er geen sluitend bewijs is voor een specifieke toename van urineverlies rond de menopauze (PMID 36690015). Wat wel toeneemt is leeftijd, en dat loopt vrijwel rechtlijnig op.

Er verandert dus minder dan je denkt, en tegelijk iets belangrijkers.

Wat namelijk wel verschuift is het type. En dat is precies het onderdeel dat bepaalt wat er in de spreekkamer gebeurt, en waar geen enkele Nederlandse pagina over dit onderwerp bij stilstaat.

Verandert urineverlies door de overgang?

Het soort verandert, de hoeveelheid vrouwen die het heeft neemt vooral toe met de jaren. Voor de menopauze is verlies bij inspanning het meest voorkomend: bij hoesten, niezen, tillen of springen. Na de menopauze komen aandrangincontinentie en de gemengde vorm vaker voor (PMID 36690015).

Van lekken bij niezen naar het niet meer halen.

Dat onderscheid is niet academisch. Verlies bij inspanning wijst op de steun van je bekkenbodem en sluitspier. Aandrang wijst op je blaasspier, die zich eerder samentrekt dan jij wilt. De twee voelen anders, ontstaan anders en worden anders aangepakt.

Systematische overzichten die menopauze en urineverlies naast elkaar leggen, vinden een samenhang die grotendeels door leeftijd en andere factoren loopt (PMID 39525118). Recenter onderzoek naar prevalentie en de invloed op het dagelijks leven laat zien dat de klacht veel voorkomt en de kwaliteit van leven sterk raakt (PMID 40279983).

Wat je merktPast bij inspanningsverliesPast bij aandrangverlies
Lekken bij hoesten, niezen, tillenJa, typischNee
Plotselinge, niet uit te stellen aandrangNeeJa, typisch
Het toilet net niet halenZeldenVaak
Kleine beetjes bij bewegingJaNee
Vaker moeten, ook 's nachtsNeeVaak
Sleutel in het slot geeft aandrangNeeJa, herkenbaar patroon

Let op de laatste rij. Aandrang die opkomt bij een vaste prikkel, zoals thuiskomen of stromend water, is zo kenmerkend dat het in de spreekkamer meteen richting geeft. Dat detail is de moeite waard om te noemen.

Helpt hormoontherapie hiertegen?

Bij systemisch oestrogeen eerder niet, en dat verrast bijna iedereen. Dezelfde review meldt dat vrouwen die systemisch oestrogeen krijgen, met of zonder progestageen, juist vaker incontinentie ontwikkelen of zien verergeren (PMID 36690015).

Dat is het omgekeerde van wat je online leest.

Het onderscheid dat hier telt is systemisch tegenover lokaal. Systemisch betekent door je hele lichaam, via een tablet, pleister, gel of spray. Lokaal betekent vaginaal toegediend, waar het vooral in het weefsel ter plaatse werkt. Een Europese richtlijn voor de aanpak van urineverlies na de menopauze behandelt die twee dan ook los van elkaar (PMID 33008675).

Ik vind dat dit vaker gezegd mag worden. Niet omdat hormoontherapie verkeerd zou zijn, want daar gaat dit niet over, maar omdat urineverlies geen reden is om ermee te beginnen en op zichzelf ook geen reden om te stoppen. Dat gesprek hoort bij je huisarts of gynaecoloog. De verschillende vormen staan in hormoontherapie bij de overgang, en de lokale variant in Vagifem bij vaginale droogheid.

Wat hoort er nog meer bij dit patroon?

Vaginale droogheid, pijn bij het vrijen en terugkerende blaasontstekingen. Die klachten komen uit hetzelfde weefsel: je plasbuis, blaashals en vaginawand reageren allemaal op oestrogeen. Ze worden daarom vaak samen genoemd.

Een gebied, meerdere klachten.

Terugkerende blaasontsteking is hier de belangrijkste buurman, want die wordt vaak verward met aandrang. Branderigheid bij het plassen hoort bij een ontsteking, aandrang zonder branderigheid meestal niet. Waarom die ontstekingen in deze fase blijven terugkomen, staat in blaasontsteking in de overgang.

Neem twee vrouwen van 54. De ene lekt een beetje bij het niezen sinds haar tweede bevalling, en dat is niet veranderd. De andere haalde vroeger altijd het toilet en moet nu twee keer per nacht, met aandrang die uit het niets komt. Dezelfde klachtnaam, twee verschillende verhalen en twee verschillende onderzoeken.

Welke bloedwaarden zijn hierbij zinvol?

Voor urineverlies zelf geen. Er bestaat geen bloedwaarde die het aantoont of verklaart, en dat is eerlijker dan doen alsof een hormoonuitslag hier antwoord geeft. Wat er gebeurt zit in weefsel en spierfunctie, niet in je bloed.

Urine zegt hier meer dan bloed.

Bij vermoeden van een blaasontsteking gaat het om urineonderzoek, niet om bloedonderzoek. Waar bloed wel iets toevoegt is bij de vraag waar je hormonaal staat, of bij klachten die op iets anders kunnen wijzen. Een menopauze check kijkt naar FSH en oestradiol, een hormoononderzoek voor vrouwen naar het bredere beeld.

Wat je huisarts hiermee doet, is aan je huisarts. Geen enkele uitslag hiervan bepaalt welk type urineverlies je hebt.

Wanneer ga je eerder langs?

Bij bloed in je urine, ook eenmalig en ook zonder pijn. Dat hoort altijd nagekeken te worden en is geen overgangsklacht. De NHG-Standaard Incontinentie voor urine bij vrouwen en Thuisarts noemen daarnaast nog een paar situaties.

Drie dingen wachten niet.

Urineverlies dat plotseling begint, zonder opbouw. Urineverlies met koorts of pijn in je zij. En urineverlies met krachtverlies, tintelingen of gevoelsverandering in je benen of bilstreek.

Bloedverlies uit de vagina na de overgang is een apart verhaal dat hier soms mee wordt verward, en dat laat je ook altijd nakijken. Waarom, staat in bloedverlies na de overgang.

Wat neem je mee naar je huisarts?

Drie dingen, en het eerste doet het meeste werk. Of het lekken komt bij inspanning of bij aandrang. Hoe vaak je per dag en per nacht moet. En hoeveel het je beperkt, in wat je niet meer doet.

Twee dagen bijhouden zegt meer dan een schatting.

Noteer per keer het tijdstip, of er verlies was en wat je op dat moment deed. Dat plaatje maakt het onderscheid tussen inspanning en aandrang meestal in een oogopslag duidelijk, en het is precies wat er anders in de spreekkamer gereconstrueerd moet worden. Voor het bredere beeld van deze fase is navigeren door de perimenopauze het startpunt.

Bronnen

  1. Milsom I. Does the climacteric influence the prevalence, incidence and type of urinary incontinence? Climacteric. 2023;26(4):324-330. PMID 36690015.
  2. Allafi AH, et al. The link between menopause and urinary incontinence: a systematic review. Cureus. 2024;16(10). PMID 39525118.
  3. Russo E, Caretto M, Giannini A, et al. Management of urinary incontinence in postmenopausal women: an EMAS clinical guide. Maturitas. 2021;143:223-230. PMID 33008675.
  4. Yakit Ak E, et al. Menopause, urinary incontinence prevalence and impact on healthy living. Eur J Obstet Gynecol Reprod Biol. 2025. PMID 40279983.
  5. NHG-Standaard Incontinentie voor urine bij vrouwen (M46). Beschikbaar via richtlijnen.nhg.org.
  6. Thuisarts. Ik verlies ongewild urine. Beschikbaar via thuisarts.nl.
  7. RIVM. Cijfers over incontinentie in Nederland. Beschikbaar via rivm.nl.

Elk bloedtestresultaat bij Lunara bevat een professionele beoordeling door een BIG-geregistreerde arts. Bespreek voor behandelbeslissingen je resultaten met je huisarts.

L

Auteur

Lunarahealth

Dr. Naimi, BIG-geregistreerde arts, ziet toe op de medische standaarden achter onze content en beoordelingen. Lees ons medisch beleid

Gerelateerde testen

Gerelateerde berichten