Fibromyalgie symptomen zijn pijn door je hele lichaam, een vermoeidheid die niet weggaat na slapen, en een hoofd dat traag aanvoelt. Het zit allemaal in je lijf. Alleen niet in je bloed. In een onderzoek onder 2.369 patiënten duurde het gemiddeld 6,4 jaar voordat de diagnose er lag (PMID 31174818).
Laat ik daarom beginnen met de eerlijke zin in plaats van de zin die beter verkoopt. Geen enkele bloedtest kan fibromyalgie aantonen. Er is geen waarde die oplicht, geen marker die het bevestigt.
Wat bloedonderzoek wel kan, is een aantal aandoeningen nalopen die er sterk op lijken. Een trage schildklier, een laag ijzer, een ontstekingsziekte. Dat klinkt bescheiden, maar het is precies de stap waar in die jaren vaak op gewacht wordt.
Wat zijn de fibromyalgie symptomen bij vrouwen?
De kern is chronische pijn door je hele lichaam, links en rechts, boven en onder je middel, die langer dan drie maanden aanhoudt. Daar komen vermoeidheid bij, slaap die niet uitrust, en problemen met concentratie en geheugen. Bij vrouwen worden die klachten vaak los van elkaar bekeken, waardoor het patroon eronder niet opvalt.
Wat het lastig maakt: geen van deze klachten is op zichzelf bijzonder. Iedereen is weleens moe en heeft weleens pijn. Het is de combinatie, en vooral de duur, die iets anders vertelt.
Signalen die vaak samen optreden:
- Pijn die verplaatst, vandaag je schouders, volgende week je heupen.
- Wakker worden alsof je niet geslapen hebt, ook na acht uur.
- Fibromyalgie vermoeidheid die niet in verhouding staat tot je dag.
- Woorden kwijtraken of de draad verliezen, in de volksmond fibromist.
- Gevoeligheid voor geluid, licht, kou of aanraking.
- Vaak samen met prikkelbare darm, hoofdpijn of een sombere periode.
Die laatste twee zijn interessant. Ze passen bij het idee dat fibromyalgie geen ziekte van je spieren is, maar van de manier waarop je zenuwstelsel pijn verwerkt.
Waarom duurt een fibromyalgie diagnose zo lang?
Omdat er geen test bestaat die de knoop doorhakt. De klachten zijn subjectief, ze overlappen met tientallen andere dingen, en de criteria zijn sinds 1990 meerdere keren veranderd. Dat is een probleem van het onderzoek en de richtlijnen, niet van de huisarts die tegenover je zit.
Kijk maar naar hoe die criteria zich ontwikkeld hebben. In 1990 stelde de American College of Rheumatology tenderpoints centraal: gevoeligheid op minstens 11 van 18 vaste drukpunten, naast wijdverspreide pijn. Die combinatie had een sensitiviteit van 88,4 procent en een specificiteit van 81,1 procent (PMID 2306288).
In 2010 verdween dat drukpuntonderzoek. De nieuwe criteria werkten met een pijnindex en een symptoomscore, zonder lichamelijk tenderpointonderzoek (PMID 20461783). In 2016 volgde nog een herziening (PMID 27916278).
Drie keer een andere meetlat in 26 jaar. Als de definitie zelf beweegt, beweegt de diagnose mee.
Klopt het dat fibromyalgie vooral vrouwen treft?
Ja, maar minder extreem dan het bekende cijfer van negen op de tien suggereert. Hoe scheef de verhouding uitvalt, hangt namelijk af van welke criteria je gebruikt. Ik vind dit het eerlijkste en het meest onderschatte punt van dit hele onderwerp.
In een bevolkingsonderzoek werden dezelfde mensen langs drie criteriasets gelegd. De verhouding vrouw tot man was 13,7 op 1 volgens de tenderpointcriteria uit 1990, 4,8 op 1 volgens de criteria uit 2010, en 2,3 op 1 volgens de aangepaste versie daarvan (PMID 25323744).
Dezelfde mensen. Andere meetlat. Een heel ander beeld van wie deze aandoening heeft.
De prevalentie schoof net zo hard mee, van 1,7 procent naar 1,2 procent naar 5,4 procent (PMID 25323744). Vrouwen zijn dus echt oververtegenwoordigd, maar een deel van die negen-op-tien lijkt een artefact van een drukpuntonderzoek dat mannen minder goed opspoorde. Dat is geen detail. Het bepaalde decennialang wie in beeld kwam en wie niet.
Kan bloedonderzoek fibromyalgie aantonen of uitsluiten?
Nee. Er is geen bloedwaarde die fibromyalgie aantoont, en er is er ook geen die hem uitsluit. Een normale uitslag betekent niet dat je klachten er niet zijn. Fibromyalgie wordt klinisch vastgesteld, op je verhaal en je lichamelijk onderzoek, niet op een getal uit het lab.
De rol van fibromyalgie bloedonderzoek is een andere, en die is wel scherp omlijnd: kijken of er iets anders meespeelt dat op fibromyalgie lijkt. Een trage schildklier geeft ook pijn en moeheid. Een laag ferritine ook. Die dingen zijn behandelbaar, en dat is waarom ze nagelopen worden.
Hier zit nog een nuance die vaak wegvalt. Lang gold fibromyalgie als een uitsluitingsdiagnose: pas als al het andere was afgevallen, mocht het label vallen. De herziening uit 2016 haalde die eis er juist uit (PMID 27916278). Fibromyalgie kan naast reuma of een schildklieraandoening bestaan, niet alleen erna.
Dat is geen woordenspel. Het betekent dat een afwijkende schildklierwaarde je fibromyalgie niet wegneemt, en dat een normale uitslag hem niet bevestigt.
Welke aandoeningen lijken op fibromyalgie?
Een aantal aandoeningen geeft pijn en vermoeidheid die op fibromyalgie kan lijken. Bij een deel daarvan wijst een bloedwaarde de richting aan. Hieronder staan de aandoeningen die bij chronische pijn het vaakst worden nagelopen, met de waarde die erbij hoort.
| Aandoening | Wat het is | Welke bloedwaarde eraan raakt |
|---|---|---|
| Trage schildklier | Je schildklier maakt te weinig hormoon aan | TSH en vrij T4 |
| Bloedarmoede of ijzertekort | Te weinig hemoglobine of een lege ijzervoorraad | Hb en ferritine |
| Ontstekingsreuma | Je afweer valt je gewrichtsslijmvlies aan | CRP en BSE, aangevuld via je huisarts |
| Coeliakie | Auto-immuunreactie op gluten | Transglutaminase antistoffen (IgA-tTG) |
| Vitamine D tekort | Een lage vitamine D, vaker in de winter | 25-OH vitamine D |
| Vitamine B12 tekort | Te weinig B12 voor je zenuwen en bloedaanmaak | Vitamine B12 |
Let vooral op wat er niet in die tabel staat: een rij voor fibromyalgie zelf. Die bestaat niet, en dat is het hele punt van dit artikel.
Over de schildklier lees je meer in schildklier symptomen bij vrouwen. Over een laag ijzer in bloedarmoede bij vrouwen. De glutenkant staat in coeliakie: symptomen, test en glutenvrij leven.
Wat is het verschil tussen fibromyalgie en reuma?
Reuma is ontsteking, fibromyalgie niet. Bij reumatoïde artritis valt je afweer je gewrichtsslijmvlies aan, met zwelling, warmte en vaak meetbare ontstekingswaarden. Bij fibromyalgie zijn je gewrichten niet ontstoken en zijn CRP en BSE meestal gewoon normaal, terwijl je wel degelijk pijn hebt.
Dat verschil bepaalt ook hoe de klacht zich gedraagt. Reuma geeft gezwollen, warme knokkels en ochtendstijfheid die langer dan een uur duurt. Fibromyalgie geeft pijn die door je hele lichaam zwerft, zonder zichtbare zwelling.
Neem twee vrouwen van 44, allebei met een CRP van 2 mg/l en een BSE van 9 mm/uur. Allebei keurig normaal. Toch betekent datzelfde getal bij hen iets heel anders.
De eerste heeft al acht maanden pijn die door haar lichaam zwerft en slaapt onrustig, terwijl haar gewrichten bij onderzoek niet gezwollen zijn. Bij haar past die normale CRP precies bij het beeld. Fibromyalgie geeft nu eenmaal geen ontsteking, dus die waarde sluit niets uit en bevestigt niets.
De tweede heeft aan beide handen zichtbaar dikke knokkels en is 's ochtends anderhalf uur stijf. Bij haar stelt diezelfde 2 mg/l juist niet gerust, want bij beginnende reuma kan CRP normaal blijven terwijl de gewrichten al ontstoken zijn. Haar verhaal weegt zwaarder dan haar uitslag.
Zelfde getal, tegenovergestelde betekenis. Daarom ben ik zo terughoudend met de zin "mijn bloed is normaal, dus er is niets". Het getal beslist niet, het beeld eromheen beslist.
De verwarring is begrijpelijk, want bij veel vrouwen beginnen beide rond dezelfde leeftijd. Hoe je reuma herkent, staat in reuma symptomen bij vrouwen. Wat CRP en BSE precies zeggen, lees je in wat ontstekingswaarden in je bloed betekenen.
Onderzoekers vatten fibromyalgie tegenwoordig op als pijnversterking in je centrale zenuwstelsel, samen met moeheid, geheugenklachten en slaap- en stemmingsproblemen (PMID 24737367). Je pijnsysteem staat harder afgesteld. De pijn is echt, alleen zit de oorzaak niet in het weefsel dat pijn doet.
Wat kun je zelf laten testen bij chronische pijn?
Je kunt de aandoeningen die erop lijken in beeld brengen, meer niet. Waarden als TSH, vrij T4, ferritine, Hb, CRP, BSE, vitamine D en vitamine B12 zitten in een uitgebreide gezondheidscheck. Ze vertellen je niet of je fibromyalgie hebt. Ze vertellen je wel of er iets anders meespeelt.
Dat onderscheid is belangrijk genoeg om te herhalen. Deze uitslagen bevestigen geen fibromyalgie en sluiten hem niet uit. Ze kunnen het gesprek bij je huisarts wel concreter maken, omdat een deel van de vragen dan al beantwoord is.
Glutenantistoffen zitten hier trouwens niet in, dat is een aparte test. En reumafactor en anti-CCP horen bij je huisarts thuis, omdat ze pas betekenis krijgen als iemand je gewrichten ook echt heeft onderzocht.
Wanneer ga je hiermee naar de huisarts?
Ga naar je huisarts als je pijn langer dan drie maanden door je hele lichaam zit, zeker in combinatie met vermoeidheid en slaap die niet uitrust. Neem mee wanneer het begon, waar de pijn zit, en wat er al gemeten is. Dat maakt het gesprek korter en scherper.
Wat mij opvalt bij vrouwen die hier jaren mee lopen: ze komen binnen met een gevoel en gaan weg met een gevoel. Kom je binnen met een tijdlijn en een paar uitslagen, dan verandert dat gesprek van karakter.
Over wat er gebeurt als er geen oorzaak wordt gevonden, en welk label je dan krijgt, lees je in SOLK: wat de diagnose betekent. Waarom vrouwenklachten structureel later herkend worden, staat in niet serieus genomen: waarom vrouwenklachten vaker worden gemist. En hoe je zo'n gesprek voorbereidt, lees je in zo bereid je je huisartsgesprek voor.
Thuisarts en het NHG benadrukken bij dit soort klachten dat het klinische beeld leidend is, nooit één waarde alleen. Er bestaat geen NHG-standaard voor fibromyalgie; de huisarts leunt op de standaard over onvoldoende verklaarde lichamelijke klachten. Ook dat zegt iets over waar dit vakgebied staat.
Over wat er daarna kan helpen is Cochrane voorzichtig positief: aerobe training verbetert waarschijnlijk de kwaliteit van leven, met bewijs van matige kwaliteit, en vermindert de pijn mogelijk licht (PMID 28636204). Of dat bij jou past, is een gesprek met je huisarts.
Bronnen
- Wolfe F, Smythe HA, Yunus MB, et al. The American College of Rheumatology 1990 Criteria for the Classification of Fibromyalgia. Arthritis Rheum. 1990;33(2):160-172. PMID 2306288.
- Wolfe F, Clauw DJ, Fitzcharles MA, et al. The American College of Rheumatology preliminary diagnostic criteria for fibromyalgia and measurement of symptom severity. Arthritis Care Res (Hoboken). 2010;62(5):600-610. PMID 20461783.
- Jones GT, Atzeni F, Beasley M, et al. The prevalence of fibromyalgia in the general population: a comparison of the American College of Rheumatology 1990, 2010, and modified 2010 classification criteria. Arthritis Rheumatol. 2015;67(2):568-575. PMID 25323744.
- Wolfe F, Clauw DJ, Fitzcharles MA, et al. 2016 Revisions to the 2010/2011 fibromyalgia diagnostic criteria. Semin Arthritis Rheum. 2016;46(3):319-329. PMID 27916278.
- Clauw DJ. Fibromyalgia: a clinical review. JAMA. 2014;311(15):1547-1555. PMID 24737367.
- Gendelman O, Amital H, Bar-On Y, et al. Time to diagnosis of fibromyalgia and factors associated with delayed diagnosis in primary care. Best Pract Res Clin Rheumatol. 2018;32(4):489-499. PMID 31174818.
- Bidonde J, Busch AJ, Schachter CL, et al. Aerobic exercise training for adults with fibromyalgia. Cochrane Database Syst Rev. 2017;6:CD012700. PMID 28636204.
- NHG en Thuisarts. Informatie over fibromyalgie en onvoldoende verklaarde lichamelijke klachten. 2024. Beschikbaar via thuisarts.nl.
Elk bloedtestresultaat bij Lunara bevat een professionele beoordeling door een BIG-geregistreerde arts. Bespreek voor behandelbeslissingen je resultaten met je huisarts.
Auteur