IVF Bloedonderzoek (vrouw)
Compleet IVF-intakepanel voor vrouwen: ovariële reserve, schildklier, infectiescreening, immuniteitsserologie, bloedgroep en bloedbeeld.
Uw monocytenwaarde vertelt u hoeveel van deze witte bloedcellen er op het moment van prikken in uw bloed circuleerden, en blijft dat aantal maandenlang verhoogd, dan wijst dat op een ontsteking die niet overgaat. Monocyten zijn de grootste witte bloedcellen, en in uw weefsels houden zij een chronische ontsteking mee gaande. Voor vrouwen telt daarbij één ding extra: auto-immuunziekten en inflammatoire darmziekten komen bij vrouwen vaker voor, en beide geven een hoger monocytengetal. Het getal stelt geen diagnose en hoort bij een beeld dat een arts samen met uw klachten beoordeelt. Hieronder leest u welke oorzaken bij vrouwen het vaakst meespelen, en wanneer een verhoging telt.
Beoordeling door arts inbegrepen
De test telt hoeveel monocyten er in een vaste hoeveelheid bloed zitten, in ×10⁹/l, en dat gebeurt binnen het volledige bloedbeeld met differentiatie. Een monocyt is de grootste van de vijf soorten witte bloedcellen: een cel van de aangeboren afweer die dode cellen, celresten en ziekteverwekkers opruimt.
Uw uitslag toont vaak twee getallen, een absoluut aantal en een percentage, en het absolute aantal is het betrouwbaarste. Een percentage stijgt namelijk ook als uw totale aantal witte bloedcellen daalt, zonder dat er meer monocyten zijn. Het gangbare volwassenbereik ligt ruwweg tussen 0,2 en 1,0 ×10⁹/l, en elk laboratorium stelt daarbinnen zijn eigen grenzen vast, dus vergelijk uw uitslag met het bereik dat erop staat afgedrukt.
Monocyten blijven ongeveer één tot drie dagen in de bloedbaan. Daarna trekken ze uw weefsel in en worden ze macrofagen en dendritische cellen, en in die vorm blijven ze maanden actief. Het bloedgetal telt dus alleen de cellen die onderweg zijn: het is een doorstroommaat, en over de afweercapaciteit in uw weefsel zegt het niets. Dat onderscheid verklaart waarom één meting zo weinig draagt. U ziet een momentopname van een stroom in plaats van de omvang van een voorraad, en pas een reeks metingen laat een patroon zien.
Monocyten worden altijd samen met de andere witte bloedcellen beoordeeld, dus bekijk ook uw leukocyten, het totaal van alle witte bloedcellen. Wilt u ontsteking gerichter volgen, dan is CRP de gangbare waarde.
Een verhoogd monocytengetal vertelt u dat uw lichaam ergens op reageert. Een verhoogd aantal heet monocytose, met een gebruikelijke grens rond 1,0 ×10⁹/l, en bijna altijd is die reactief.
De oorzaken die voor vrouwen het meest ter zake doen, zijn chronische ontsteking en auto-immuunziekten. Reumatoïde artritis, lupus en sarcoïdose komen bij vrouwen vaker voor dan bij mannen, en alle drie kunnen het monocytengetal optillen. Inflammatoire darmziekten horen in hetzelfde rijtje: bij de ziekte van Crohn en colitis ulcerosa hoort een verhoogd monocytengetal bij het ontstekingsbeeld, en buikklachten samen met een verhoogd getal zijn een reden om dat te laten uitzoeken. Ook langdurige of sluimerende infecties geven monocytose, bijvoorbeeld tuberculose of een hartklepontsteking; die zijn zeldzamer, maar horen wel bij het rijtje dat een arts nagaat.
In de zwangerschap verandert het hele bloedbeeld. Het totaal aantal witte bloedcellen stijgt normaal gesproken, en het monocytengetal kan meebewegen, dus een uitslag uit de zwangerschap leest u niet tegen een gewone referentiewaarde. Medicatie hoort ook in dat plaatje: corticosteroïden zoals prednison drukken het monocytengetal, soms fors, en een normaal getal onder prednison sluit een ontsteking dus niet uit.
Een verlaagd aantal is veel lastiger te duiden dan een verhoogd aantal. Onderin het referentiebereik zit de celteller aan de grens van zijn onderscheidend vermogen, en staat de rest van uw bloedbeeld goed, dan heeft zo'n getal doorgaans geen gevolg.
Monocyten worden meegeteld zodra u een volledig bloedbeeld met differentiatie laat doen, en dat gebeurt vaak bij aanhoudende vermoeidheid, bij gewrichtsklachten of bij buikklachten zonder duidelijke oorzaak.
Het moment in uw cyclus maakt voor dit getal weinig uit. Anders dan bij de hormoonwaarden hoeft u de afname er niet op te plannen, en dat scheelt een planningsstap die veel vrouwen wel gewend zijn. Bent u zwanger of net bevallen, meld dat dan bij de beoordeling, want het bloedbeeld verschuift in die periode en dat verandert hoe de uitslag gelezen moet worden. Gebruikt u prednison of een andere corticosteroïde, meld dat ook, want die drukken het monocytengetal en kunnen daarmee een verhoging maskeren die er wel degelijk is.
Wilt u weten of een verhoging aanhoudt, dan is één meting niet genoeg. Aanhoudend betekent herhaald gemeten over maanden, dus plan een herhaalmeting niet te snel na de eerste.
Een laag aantal monocyten geeft op zichzelf geen klachten en wordt bijna altijd bij toeval gevonden. Dat komt doordat monocyten maar een klein deel van uw witte bloedcellen vormen, en een verschuiving binnen dat kleine aandeel verandert weinig aan uw afweer als geheel.
Het krijgt pas betekenis als ook uw andere witte bloedcellen laag zijn. Uw arts kijkt in dat geval naar het hele bloedbeeld, en ook uw medicatiegebruik weegt dan mee, want corticosteroïden drukken dit getal. Een laag monocytengetal hoort niet bij de overgang, de cyclus of de zwangerschap; wie daarvoor een verklaring zoekt, komt bij dit getal niet uit, en de oorzaak ligt dan elders in het bloedbeeld of in de medicatie.
Een verhoogd aantal monocyten merkt u niet. De klachten die u wel merkt, horen bij de oorzaak eronder: bij een auto-immuunziekte zijn dat vaak gewrichtsklachten, huidklachten of langdurige vermoeidheid, en bij een inflammatoire darmziekte buikpijn, diarree en gewichtsverlies. Die klachten zijn het aanknopingspunt, en uw arts werkt van de klacht naar de uitslag toe en niet andersom.
Bij herstel na een doorgemaakte infectie is een licht verhoogd getal juist een goed teken, want het hoort bij het opruimen, en een herhaalmeting laat dan zien dat de waarde weer normaliseert. Houdt een verhoging over maanden aan, dan laat u een arts meekijken, altijd met het hele bloedbeeld erbij.
Er is geen leefstijlmaatregel die het monocytengetal gericht verlaagt. Het getal volgt de ontsteking eronder, en het is die ontsteking die aandacht verdient. Stoppen met roken is de uitzondering: roken onderhoudt een laaggradige ontsteking, dat is op dit getal terug te zien, en reken op maanden voordat een verandering zichtbaar wordt.
Heeft u een bekende auto-immuunziekte of darmontsteking, dan hoort dit getal thuis in de controle daarvan. Bespreek het met de arts die die aandoening volgt, want die kan het naast uw ziektebeeld en uw medicatie leggen. Slaap, beweging en het beperken van langdurige stress zijn om andere redenen zinvol, maar op dit specifieke getal hebben ze geen aantoonbaar effect.
Een enkele lichte afwijking is meestal onschuldig. Het is de herhaalde meting die betekenis geeft, zeker samen met klachten.
Ja, reumatoïde artritis, lupus en sarcoïdose kunnen alle drie het monocytengetal optillen, en alle drie komen ze bij vrouwen vaker voor dan bij mannen. Het getal stelt de diagnose niet; het past bij een ontstekingsbeeld dat een arts samen met uw klachten beoordeelt.
Een verhoogd monocytengetal past bij het ontstekingsbeeld van inflammatoire darmziekten, zoals de ziekte van Crohn en colitis ulcerosa. Buikpijn, diarree of gewichtsverlies samen met een verhoogd getal zijn een reden om dat te laten uitzoeken. De uitslag zelf toont geen darmziekte aan.
Het hele bloedbeeld verschuift in de zwangerschap. Het totaal aantal witte bloedcellen stijgt normaal gesproken en het monocytengetal kan meebewegen, dus een uitslag uit die periode leest u niet tegen een gewone referentiewaarde. Meld altijd dat u zwanger bent.
Nee, niet op een manier waar u de afname op hoeft te plannen. Anders dan bij hormoonwaarden maakt de cyclusdag voor dit getal weinig uit, dus prik op een moment dat u uitkomt.
Corticosteroïden zoals prednison drukken het monocytengetal, soms fors, en kunnen daarmee een verhoogd getal maskeren, dus meld altijd welke medicijnen u gebruikt. Van hormonale anticonceptie is geen duidelijk effect op dit getal bekend.
Meestal niet. De ondergrens van het referentiebereik ligt dicht bij de meetprecisie van de celteller, dus een licht laag getal bij een verder normaal bloedbeeld heeft doorgaans geen betekenis. Pas in combinatie met lage andere witte bloedcellen wordt het interessant.
Als het aanhoudt over meerdere metingen en maanden, en zeker samen met klachten of met afwijkingen elders in uw bloedbeeld. Die beoordeling doet een arts met de volledige uitslag erbij; één verhoogde meting is daarvoor niet genoeg.
Voeg ons toe als voorkeursbron. Google laat onze artikelen dan vaker zien in je zoekresultaten en in AI-overzichten. Je kunt dit op elk moment weer uitzetten.
Dat lukte niet. Probeer het opnieuw.
Deze panelen meten waarden uit dezelfde categorie als deze marker.
Compleet IVF-intakepanel voor vrouwen: ovariële reserve, schildklier, infectiescreening, immuniteitsserologie, bloedgroep en bloedbeeld.
Alles uit het IVF-panel plus volledige schildklier, kinderwensvoeding, progesteron en CMV-immuniteit.
Bloedarmoede-onderzoek: hemoglobine, ijzer, transferrine, CBC en B12.
Onderzoek een aantal veelvoorkomende oorzaken van vermoeidheid: CBC, schildklier, ijzer, vitaminen, glucose en HbA1c.
Medisch adviseur
Dr. Naimi ziet toe op de medische standaarden achter onze content en beoordelingen.
Medisch beleidBeoordeling door arts inbegrepen
Elk resultaat bevat een professionele beoordeling door een BIG-geregistreerde arts. Bespreek voor behandelbeslissingen uw resultaten met uw huisarts.
We gebruiken cookies om het sitegebruik te analyseren en de effectiviteit van advertenties te meten. Privacybeleid