Het begint vaak met iets kleins. Je slaapt opeens slechter, je bent korter aangebonden dan je gewend bent, of je menstruatie komt een week te vroeg en daarna juist te laat. Niets om je druk over te maken, denk je, tot het zich blijft herhalen. Voor veel vrouwen zijn dit de eerste, onopvallende tekenen dat de overgang is begonnen.
Wat ik vervelend vind aan deze beginfase, is dat niemand je vooraf vertelt dat hij zo vaag kan zijn. Je voelt je anders, maar je hebt geen woorden voor wat er gebeurt. Laten we die woorden samen vinden.
Wanneer begint de overgang meestal?
De perimenopauze, de aanloopfase waarin je de eerste klachten merkt, begint bij de meeste vrouwen tussen hun 40e en 50e. Volgens Thuisarts valt de gemiddelde menopauze rond 51 jaar, en de klachtenperiode daarvoor kan zomaar vier tot zeven jaar duren. Begint het bij jou voor je 40e, dan spreken we van een vervroegde overgang en is het verstandig dat met je huisarts te bespreken.
De vroege signalen die je kunt herkennen
Niet iedereen krijgt dezelfde klachten, en de volgorde verschilt per vrouw. Dit zijn de meest voorkomende eerste tekenen.
| Vroeg symptoom | Wat je merkt | Hoe vaak het voorkomt |
|---|---|---|
| Veranderende cyclus | Korter, langer, zwaarder of juist lichter; overgeslagen menstruaties | Vaak het allereerste teken |
| Opvliegers | Plotseling warmte-aanvallen, soms met zweten en blozen | Zeer veel voorkomend |
| Slechter slapen | Moeite met inslapen of 's nachts wakker liggen | Veel voorkomend, soms door nachtelijk zweten |
| Stemmingswisselingen | Prikkelbaarheid, somberheid, kortere lont | Veel voorkomend |
| Concentratieproblemen | Vergeetachtig, woorden kwijt, "wattig" hoofd | Regelmatig genoemd |
De rode draad: schommelend oestradiol. Niet het langzaam dalen, maar juist het op-en-neer gaan van dit hormoon verklaart waarom je je de ene week prima voelt en de andere week alsof er niets klopt.
Is het wel de overgang? Andere oorzaken om uit te sluiten
Hier wil ik eerlijk zijn: niet elke vermoeidheid of somberheid rond je 45e komt door je hormonen. Klachten die op de overgang lijken, kunnen ook een andere oorzaak hebben. Een trager werkende schildklier geeft vermoeidheid, gewichtstoename en stemmingsklachten. Bloedarmoede door een laag ferritine geeft moeheid en kortademigheid. Daarom kan het zinvol zijn om bij aanhoudende klachten ook je TSH te laten meten.
Wanneer voegt een test iets toe?
In deze vroege fase is een hormoontest meestal geen betrouwbare manier om "de overgang aan te tonen", omdat je waarden van dag tot dag verschillen. De NHG-richtlijn voor huisartsen benadrukt dat de diagnose vooral op je klachten en je cyclus berust. Toch kan testen waardevol zijn om andere oorzaken uit te sluiten of een breder beeld te krijgen, bijvoorbeeld met een hormonenpanel voor vrouwen. Bespreek wat voor jou zinvol is altijd met je arts.
Wat je nu al kunt doen
- Houd een klachtendagboek bij. Noteer je cyclus, slaap en stemming. Patronen worden zo zichtbaar en helpen je arts.
- Wees mild voor jezelf. Prikkelbaarheid en vergeetachtigheid zijn geen karakterfout, maar passen bij schommelende hormonen.
- Zoek beweging en regelmaat. Voldoende slaap, beweging en ontspanning verzachten veel klachten, ook al genezen ze de overgang niet.
- Trek bij twijfel aan de bel. Begin je voor je 40e met klachten, of zijn ze zo heftig dat ze je dagelijks leven raken, ga dan naar je huisarts.
Hoe lang duren de eerste klachten?
Dat verschilt sterk. Bij sommige vrouwen blijft het bij een paar grillige cycli, bij andere bouwen de klachten zich over jaren op. Gemiddeld duurt de overgang zo'n vier tot zeven jaar, maar opvliegers kunnen bij een deel van de vrouwen nog langer aanhouden. Het is dus geen kwestie van even doorbijten en het is voorbij, maar van leren omgaan met een fase die een tijd duurt.
Het helpt om te weten dat de heftigheid van klachten lang niet altijd gelijk opgaat met het stadium. Je kunt vroeg in de perimenopauze al stevige opvliegers hebben, of juist pas laat. Daarom zijn je eigen waarnemingen waardevoller dan een schema dat zegt wat je "hoort" te voelen.
Ook de aard van je klachten kan in de loop van de tijd verschuiven. Waar de eerste jaren vaak draaien om een grillige cyclus en opvliegers, komen later soms andere dingen op de voorgrond, zoals vaginale droogheid of aandacht voor je botten. Het is dus geen vaststaand rijtje dat je in één keer afwerkt, maar een veranderend beeld dat met je meebeweegt.
Wanneer ga je naar de huisarts?
Niet elke klacht vraagt om een afspraak, maar er zijn signalen waarbij het verstandig is om wel langs te gaan. Volgens Thuisarts is dat onder meer bij hevig of onregelmatig bloedverlies, bloedverlies na de overgang, of klachten die je dagelijks functioneren flink raken. Ook als je je afvraagt of hormoontherapie iets voor je is, is je huisarts het juiste startpunt. Schaam je niet om met "vage" klachten te komen: juist die horen erbij en je arts hoort ze vaker dan je denkt.
Je staat aan het begin, niet aan het eind
De eerste symptomen van de overgang voelen verwarrend omdat ze zo onbestemd zijn. Maar ze herkennen geeft je grip: je weet nu dat wat je voelt ergens bij hoort, en dat je er iets aan kunt doen. Verder lezen over hoe je je fase kunt herkennen kan via onze gids over de perimenopauze, of lees over stemmingswisselingen in de perimenopauze.
Auteur